Wijzigingen in BTW-regelgeving in de EU vanaf 2010
Met ingang van 1 januari 2010 veranderen de regels van BTW-heffing in Europa (Richtlijn
2008/8/EG) & (Richtlijn 2008/117/EG). Deze wijzigingen in de BTW-regelgeving zijn
alleen van belang voor ondernemers die zaken doen in de Europese Unie. Als u niets
doet met goederen/diensten in de EU, dan hoeft u geen enkele wijziging door te voeren.
Wijzigingen in BTW-regelgeving in de EU vanaf 2010
De Europese ministerraad heeft
eind 2008 een definitief akkoord bereikt over de aanpak van BTW-fraude (carrouselfraude).
Carrouselfraude is een vorm van fraude waarbij altijd minstens drie partijen betrokken
zijn en waarbij een grensoverschrijding plaatsvindt. Het is een vorm van belastingfraude
waarin gefraudeerd wordt met de afdracht en teruggave van BTW. Carrouselfraude vindt
plaats doordat goederen voortdurend worden doorgeleverd binnen een groep van vennootschappen,
waarbij wel BTW wordt teruggevraagd, maar niet afgedragen. Vaak worden dezelfde
goederen telkens weer via dezelfde vennootschappen doorverkocht, vandaar de verwijzing
naar een carrousel (draaimolen).
Het gevolg van het akkoord is dat de regels voor BTW-heffing veranderen vanaf 2010
om intracommunautaire BTW-fraude te bestrijden. Een belangrijke wijziging is dat
vanaf 1 januari 2010 diensten ook aangemerkt worden als intracommunautair verkeer
en daarom moeten worden opgenomen in de opgaaf. Tot en met 2009 hoefden ondernemers
alleen opgaaf te doen van geleverde goederen via een ICT-aangifte, ook wel 'Opgaaf
ICL' genoemd (Intra Communautaire Leveringen). De opgaaf ICP (Intra Communautaire
Prestaties, dus voor goederen EN diensten) vervangt de opgaaf ICL (alleen voor goederen).
Voor de nieuwe opgaaf ICP verandert de termijn van indienen: als u voor meer dan
€ 100.000 per kwartaal levert naar andere EU-landen, moet u vanaf 2010 maandelijks
opgaaf ICP doen.
Ook wordt de BTW-afhandeling in Europees verband eenvoudiger voor ondernemers. Vanaf
1 januari 2010 kunnen ondernemers via de Nederlandse Belastingdienst de BTW terugvragen
die ze in een ander EU-land hebben betaald. Nu moeten ondernemers buitenlandse BTW-betalingen
terugvragen in het buitenland. Kleine bedrijven zien daar vaak vanaf vanwege de
rompslomp en lopen zo heel wat BTW-aftrek mis. Verder hoeven Nederlandse ondernemers
over veel diensten geen BTW meer in rekening te brengen aan zakelijke klanten in
de EU. Zij berekenen het BTW-bedrag in het vervolg zelf en geven het aan in hun
aangifte omzetbelasting.
Wijzigingen in build 6 van AFAS Profit met betrekking tot BTW/ICT-aangifte
In deze
build zijn de omschrijvingen van de BTW-secties (binnen AFAS Profit en op het BTW-aangifterapport)
aangepast conform de omschrijvingen die gebruikt worden op het formulier 'Aangifte
Omzetbelasting' dat de Belastingdienst in 2010 hanteert. Deze aangepaste omschrijvingen
van de BTW-secties zijn zichtbaar in de eigenschappen van een BTW-aangifte. Ook
is de naamgeving 'ICL'en 'ICT' gewijzigd in 'ICP'. De naamgeving van de opgaaf is
gewijzigd van ICL-aangifte in ICP-aangifte (Intra Communautaire Prestaties) en van
'Opgaaf ICL' in 'Opgaaf ICP'. De wijzigingen met betrekking tot de BTW/ICP-aangifte
worden in onderstaande Profit Videotraining uitgelegd. Deze videotraining is ook
interessant voor diegenen die niet te maken hebben met goederen/diensten aan het
buitenland.